Stel cookie voorkeur in

Onderbouw

Stamgroep 0/1/2

          Bijtjes                               Vlinders                 Lieveheersbeestjes

De uitgangspunten van onze manier van werken?

Het Jenaplanconcept gaat ervan uit dat ieder kind uniek is en dat ieder kind leert op zijn eigen manier. 
In het Jenaplanconcept kennen we de vier basisactiviteiten: gesprek, werk, spel en viering! 
In de onderbouw wordt gewerkt volgens de principes van het ervaringsgerichte onderwijs. Daar zijn drie pijlers erg belangrijk, 

  • Het vrij kleuterinitiatief: de kinderen kunnen kiezen uit een reeks mogelijkheden, aansluitend bij wat het kind nodig heeft. Er wordt uitgegaan van het feit dat kinderen zich willen blijven ontwikkelen, want kinderen hebben een natuurlijke groeidrang.
  • Milieuverrijking: de ruimte moet er aantrekkelijk uitzien, zodat kinderen uitgedaagd worden om allerlei activiteiten te ondernemen. 
  • De ervaringsgerichte dialoog: door goed te observeren en met de kinderen in gesprek te gaan, worden ze verder in hun ontwikkeling gestimuleerd.

Er wordt veel aandacht besteed aan de sociaal-emotionele ontwikkeling. Belangrijk is dat kinderen lekker in hun vel zitten en zich veilig voelen, want alleen dan gaan kinderen positief naar school en komen ze tot leren. 
Daarnaast wordt ook veel aandacht besteed aan aspecten als leren van en met elkaar, zelfstandigheid, creativiteit, probleemoplossend bezig zijn en werken in eigen tempo.

Dit doen we op verschillende manieren in een ritmisch weekplan:

Kring

‘s Morgens om 8:30 uur wordt gestart met een kring  in de eigen stamgroep bij de eigen stamgroepleerkracht. In de kring word en verschillende activiteiten aangeboden. De ene keer vertellen de kinderen hun verhaal en de andere keer biedt de leerkracht een taal- of een rekenactiviteit aan. In de stamgroep zijn verschillende activiteiten te kiezen.

Zelfstandig werken in de groep

Daarna gaan we van ongeveer 8:50 uur tot 09:50 uur zelfstandig werken . De kinderen kiezen in hun eigen lokaal een activiteit. De leerkracht werkt met kinderen met ontwikkelingsmateriaal. Om 09:50 uur gaan de kinderen gezamenlijk opruimen.

 
Buitenspel

Van 10:00 uur tot 10:15uur is de gezamenlijke pauze: de onder-, midden- en bovenbouw spelen samen buiten.

 
Eten en drinken

Om 10:15 uur eten de kinderen fruit en drinken ze wat. Na het eten worden er verschillende boeken aangeboden, waarin kinderen zelf mogen lezen.

 

Kring

Om 10:45 zitten de kinderen weer in de kring. Er wordt dan een gezamenlijke activiteit aangeboden. Dit kan zijn een rekenkring, een taalkring, een lied, een dans, drama, enz.

 
Buitenspel

Van 11:15 uur tot 12:00 uur spelen de onderbouwkinderen alleen buiten. Ze kunnen dan hun energie kwijt. We spelen dan met z'n allen op het grote plein of op het kleine plein. Na de herfst beginnen de oudste kleuters met schrijfdans tijdens de buitenspeeltijd. Na de kerst beginnen de oudste kleuters met techniek. Dit wordt samen met bovenbouwkinderen gedaan.

Om 12:00 uur is de gezamenlijke pauze: de onder-, midden- en bovenbouw spelen samen buiten.

 
Eten en drinken

Om 12:15 uur eten de kinderen de lunch. Na het eten worden er verschillende boeken aangeboden, waarin kinderen zelf mogen lezen.

 

Groepsdoorbrekend werken

Om 12:45 uur begint het groepsdoorbrekend werken. Leerkrachten dragen samen de verantwoordelijkheid voor een groep kinderen in de onderbouw tijdens het groepsdoorbrekend werken. De deuren van alle lokalen gaan open en de kinderen mogen kiezen waar ze gaan werken.

De vier ruimtes zijn als volgt ingericht:

  • Het Bijtjeslokaal is motorieklokaal. Hier staan bouwmaterialen, fijne motoriek werkjes kunnen de kinderen kunsten doen en ravotten op de matten;
  • Het Vlinderlokaal is een creatief atelier. Hier staan alle knutselspullen, de schilderborden en het spelmateriaal (poppenhoek)
  • Het Lieveheersbeestjeslokaal is een “cognitief” lokaal. Hier staan de kasten met de werkjes en alle andere materialen zoals de lees-schrijfhoek.
  • In de gang kunnen andere hoeken gemaakt worden.
  • In het vierde lokaal kunnen de kinderen bij de onderwijsassistent werken. Daar kunnen ze verhaaltjes luisteren, op de computer doen, enz.

Als we groepsdoorbrekend werken blijven de leerkrachten telkens een week (tijdens het werken) in hetzelfde lokaal en wisselen daarna om. Elke week zorgt de leerkracht voor nieuwe prikkels en impulsen.
De taak van de leerkrachten is om goed te observeren wat er gebeurt in de groep. Deze gegevens worden in de bouwvergaderingen met elkaar besproken. Ook wordt tijdens de bouwvergaderingen gekeken welke kinderen minder opvallen en worden er afspraken gemaakt welke kinderen meer in de gaten moeten worden gehouden.

Na het groepsdoorbrekend werken wordt er gezamenlijk opgeruimd.

 

Voordelen van het groepsdoorbrekend werken:

  • Kinderen krijgen heel veel verschillend aanbod;
  • Kinderen kunnen met alle kleuters spelen;
  • Kinderen hebben meer ruimte om zich op eigen wijze te ontwikkelen;
  • Leerkrachten hebben hun eigen stamgroep, maar zijn met elkaar verantwoordelijk voor alle kinderen van de onderbouw. Meer leerkrachten kijken mee naar het ontwikkelingsproces van de kinderen.
  • Jonge kinderen gaan vaak mee met hun eigen juf. Hierdoor maken ook de jongere kinderen kennis met alle ontwikkelingsgebieden in elke ruimte. De kinderen voelen zich veilig bij de juf en kunnen hierdoor kennis maken met elke ruimte. Zo zullen ze daarna ook gemakkelijk hun eigen weg zoeken.
  • Er ontstaat meer ruimte voor andere hoeken, doordat er één mooie poppenhoek wordt gemaakt in plaats van drie;
  • De uitwisseling met de middenbouw wordt makkelijker. Derde jaars die het nodig hebben kunnen terugkomen naar bijv. de cognitieve hoek / het bewegingslokaal;
  • Invallers worden makkelijk ingezet; er zijn immers altijd vast mensen voor alle kinderen aanwezig;
  • Kinderen én leerkrachten hebben veel plezier om op deze wijze te werken;

 

We bouwen wel zekerheden in:

Op de ochtenden werken we in de eigen groep, waardoor we alle kinderen goed kunnen volgen wat betreft de cognitieve vaardigheden.
Wanneer nodig worden kinderen verplicht om een bepaald werkje te gaan doen. We bouwen deze veiligheid in, omdat we willen dat alle kinderen in aanraking komen met alle ontwikkelingsgebieden.
Er zijn kinderen die elke keer hetzelfde kiezen. Het observeren is hiervoor natuurlijk erg belangrijk. Als wij als leerkrachten zien dat kinderen dag in dag uit en voor een langere periode steeds hetzelfde lokaal kiezen, dan gaat de stamgroepleerkracht met dat kind in gesprek om het kind zover te krijgen, dat het ook wat anders kiest.
Schrijfdans en techniek voor de oudste kleuters blijft.

Gym

Elke woensdag of donderdag is er gym met de eigen stamgroep in de grote gymzaal.